Kerkgang en (verloren?) onschuld

Het is zondagmorgen en ik word wakker.
Ik lig met mijn broertje in een kamer van 3 bij 3 meter. In die kamer staan aan weerszijden twee bedden en aan mijn voeteneind staat een kast. Tussen de bedden, bij het raam, staat een stoel.
’s Nachts zijn er onder het bed enge dingen en het licht moet aan als ik in bed kruip.
Maar het is al licht dus kan ik gerust uit bed stappen.
Op de grond ligt groenig zeil, koud aan mijn voeten.
Ik kleed mij aan, de zondagse kleren liggen klaar op de stoel.
Dan ga ik naar beneden, mijn vader is er al en ik help met het ontbijt klaar maken in de eetkamer.
Langzamerhand komt iedereen beneden en gaan we ontbijten.
Tijdens het ontbijt wordt afgesproken wie die ochtend thuis mag blijven om op mijn jongste zusje te passen en enig huishoudelijk werk te doen. Het mooiste van alles is het koffie zetten in de percolator. Ik vind het prachtig om de koffie uit het pijpje te zien komen, een wonder.
Dit keer is het mijn oudste zus die dit mag doen.
Om negen uur vertrekken mijn ouders, mijn broertje en ik naar de Zuiderkerk. Het is een heel eind lopen, helemaal Assendorp door.
Bij die tocht passeren we de Jeruzalemkerk, maar die is niet van de gereformeerden, jammer genoeg, want dat scheelt een heel eind lopen. Aan het eind van de Assendorperstraat lopen we langs de rooms-katholieke kerk van het Dominicanenklooster. Ik zie dan de monniken lopen in hun pijen en met hun tonsuur. Die pijen vind ik niet zo vreemd als die tonsuur.

Dan komen we bij de Zuiderkerk, een kerk uit de dertiger jaren zoals er zoveel gebouwd zijn. De kerkdienst zegt me niet zo veel, meestal leer ik mijn psalmversje dat ik maandag moet kennen. Je moet je tijd toch nuttig besteden. Vanmiddag gaat dat niet, want dan mag ik thuisblijven, als de anderen naar de Oosterkerk gaan, nog verder weg dan de Zuiderkerk.

Wat ik wel goed hoor is het gedeelte van de liturgie waarin het kerkvolk wordt meegedeeld dat we, vanwege de erfzonde, vanaf onze geboorte slecht zijn,en al wat we doen,vanuit die visie, zondig is.
Maar dan weet ik het ineens.

Dit is niet waar.
Ik weet zeker dat niet waar is.
Ik weet zeker dat ik dingen doe die goed zijn.
Ik denk dat een goed en lief kind ben.
Ik weet dat zeker.


Naschrift

Baby’s worden gezien als kinderen die hun onschuld nog niet verloren hebben.
Die kleine kinderen glimlachen, kirren, huilen, snikken en brabbelen.
Ze hebben nog geen weet van de grote wereld en zijn er nog niet door beïnvloed.
Maar wat die kinderen doen is hun instinct gebruiken, zij willen eten, drinken en geknuffeld worden.
Wij volwassenen, met ons instinct, weten wat ons te doen staat. Wij geven ze eten, drinken en we knuffelen ze.
Waar vragen die kleintjes om, voeding en liefde, dat is hun instinct.
Maar het instinct gaat niet verloren. Als je volwassen wordt wil je nog steeds voeding en liefde.
Dus als we dat onschuld noemen hebben we die niet verloren.
Wat is dan die onschuld?
Voor mij is dat het gevoel zoals ik dat in de kerk had.
Je hoort, ziet of leest, er komen allerlei invloeden op je af. Maar je blijft bij jezelf, je diepste ik, en dan weet je wie en wat je bent.
Ook die onschuld zijn we niet verloren.
We laten die toedekken onder een dikke deken van alles wat je geleerd en gezegd wordt, van alles wat je leest en je ziet.
Kruip onder die deken, het is er warm genoeg, en ga op zoek naar je onschuld.

9 gedachtes over “Kerkgang en (verloren?) onschuld

  1. Ik kon me als kind ook niet voorstellen dat wij allen behept waren met de erfzonde. Dit kon toch slechts gelden voor de slechte mensen, dacht ik dan.
    Maar gelukkig zag jij al snel in dat je wél goed en lief was, zonder zonde en dát is heel belangrijk Luke. Het zal je gesterkt hebben!

  2. Herkenbaar. Wij werden in klas 2 klaar gestoomd voor de eerste heilige communie en ik weet nog dat we in de kerk naar meneer pastoor stonden te luisteren terwijl hij vertelde wat en waarom we in God moesten geloven. En dat ik toen dacht:
    "Ik geloof er geen barst van!"
    Ik zei het alleen nog niet hardop, ik had geen zin in gezeur aan mijn hoofd over kerkzaken.Reactie is geredigeerd

  3. Met veel interesse gelezen. Worden we in zonde geboren, of is de mens van nature goed.En dat ‘goed’ zijn, is dat dan de hele mens, lichaam en ziel, of alleen de ziel die door het lijf gecorrumpeerd wordt. Ik geloof het ook niet, van die zonde. Ik geloof, net als jij, in de goedheid van de mens.
    Interessant,dat punt waarop jij je opeens realiseerde dat je er een heel eigen mening op nahield. Dat wat iedereen ook zei, je op je eigen gevoel durfde afgaan. Mooi!

  4. @rachel: nee hoor allerelei soorten noten, we waren synodaal, en 31 enige gezangen.
    @linde: bedankt.
    @Wilma:Is me tot de dag van vandaag bij gebleven, en heeft me altijd gesterkt.
    @Karin: ben nog lang ‘gelovig’ en kerkelijk gebleven. maar wel op mijn manier.

  5. Iedere Zondag liepen wij ook vanaf ons huis aan de Ranonkel straat naar de Zuiderkerk Als kind was het moeilijk om daar de hele preek stil te zitten . Aan iedere kant en achter de preekstoel was de muur geshildered met een speciaal patroon en als je er lang genoeg naar keek dan kon je met een beetje fantasie er allerlei dingen van fantiseren .Op de manier ging de tijd een beetje vlugger . We liepen ook soms langs het Almelose kanaal naar de Oosterkerk.
    Guurt de Vries

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s